Een vergunning voor buitengevelisolatie
Als je de buitenkant van je gevel isoleert, verandert het uiterlijk van je huis. Deze verandering moet door de welstandscommissie van je gemeente worden goedgekeurd. Daarom moet je altijd een omgevingsvergunning aanvragen bij je gemeente voordat je begint met het isoleren van je buitengevel. Sommige soorten woningen zoals rijtjeshuizen, monumenten of woningen in een beschermd stadsgezicht mogen niet altijd aan de buitenkant geïsoleerd worden.
Meer informatie over het aanvragen van een vergunning vind je op het Omgevingsloket. Let er ook op dat de gevel na het isoleren moet voldoen aan de minimale isolatienormen voor renovatie volgens het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL, voorheen Bouwbesluit). Het isolatiebedrijf kan je hierover informeren.
Oneffenheden in je gevel
De gevel mag geen grote oneffenheden hebben: niet meer dan 1 centimeter per meter. Grote oneffenheden moeten eerst weggewerkt worden. Uitstekende stukken moeten worden weggehaald en gaten moeten opgevuld worden met mortel. Dit kan je zelf doen of door een aannemer laten doen.
Laat de gevel damp door?
Als de gevel geen damp doorlaat, bijvoorbeeld bij geglazuurde bakstenen, tegels of mozaïek, mag een gelijmd isolatiesysteem niet zomaar worden aangebracht. Dit geldt ook voor geverfde of gestuukte gevels die geen damp doorlaten.
Ook moeten de gevel en de kozijnen goed waterdicht zijn. Gevels met vochtschade mogen niet zomaar geïsoleerd worden. Onderzoek en verhelp de oorzaak hiervan voordat je de gevel laat isoleren. Dit kan de vakspecialist allebei voor je controleren.
Scheuren in de gevel
Kleine scheuren zijn geen probleem voor buitengevelisolatie. Grote scheuren moeten worden beoordeeld door een isolatiebedrijf of bouwkundig adviseur. Als je twijfelt kan het isolatiebedrijf beoordelen wat de beste aanpak is.